Beschreibung
Erhaltung: (in zfr+:,- incl opgeld) | Abkürzungen
Katalognummer: Delmonte- (vgl. 1188 : 1791/86)) | CNO.16.5 | Verkade 1097 Scholten- (vgl. 72b en noot 1 : 1891/86)
Gewicht: 10,48 g
Durchmesser: 32,00 mm
gewicht 10,48gr. | zilver Ø 32mm.
muntmeester Petronella Slob & Johan Lodewijk Molter
muntteken burcht
variant: zonder punt na ORD en na NITIMUR
Blijkens een resolutie van 21 december 1785 werd door de Staten-Generaal besloten dat in het vervolg geen muntstukken in opdracht van de V.O.C. mochten worden aangemunt, zonder vermelding van het V.O.C.-embleem op die muntstukken. In 1786 volgde aanmunting van de driegulden, gulden en X stuiver in de provinciale munthuizen van Utrecht, Gelderland en West-Friesland. Blijkbaar had ook Zeeland het voornemen en de hoop gehad tot een zelfde aanmunting, maar daar is het in 1786 niet van gekomen. Blijkbaar kreeg het Zeeuwse provinciale munthuis te Middelburg geen opdracht van de V.O.C. tot die aanmunting. Deze munt bewijst echter, dat men zich wel had voorbereid. Zelfs al in 1785. Het zou echter nog tot 1789 duren alvorens de eerste zilveren V.O.C.- munten, in de vorm van drieguldens, te Middelburg werden aangemunt. In 1791 volgde tevens de aanmunting van guldens en X stuivers, waarbij men de reeds vervaardigde muntstempels van guldens uit 1785 heeft omgesneden naar 1791, om er zodoende toch gebruik van te kunnen maken. Bij de hier aangeboden gulden is het jaartal 1791 duidelijk gewijzigd uit 1785. In oudere literatuur, zoals Scholten en Delmonte wordt steeds melding gemaakt van de jaartalwijziging 1791/86. Dit is waarschijnlijk een vergissing als gevolg van verkeerde lezing. Zeldzaam.
vgl. Veiling Künker 420, collectie Beuth, kavel 1556 (normale 1791)
(in zfr+:,- incl opgeld) Delmonte- (vgl. 1188 : 1791/86)) | CNO.16.5 | Verkade 1097
Scholten- (vgl. 72b en noot 1 : 1891/86) R
Gebruikelijke ietwat flauwe slagin het centrum,
doch voor type een net exemplaar.
zfr à zfr+







